Welk mes mag wel en welke messen mogen niet, volgens de Nederlandse wet?
Messen vallen onder de Wet Wapens en munitie. In deze wet zijn wapens in categorieën onder verdeeld. In Artikel 2 worden de wapens in categorieën onderverdeeld.
Categorie I, gaat hoofdzakelijk over messen;
1°. stiletto's, valmessen en vlindermessen, een en ander indien het lemmet:
a. meer dan één snijkant heeft;
b. 7 cm of langer en 14 mm of smaller is;
c. 9 cm of langer is; of
d. van een stootplaat is voorzien;
2°. andere opvouwbare messen, indien:
a. het lemmet meer dan een snijkant heeft; of
b. de lengte in opengevouwen toestand langer dan 28 cm is;
3°. o.a. : werpsterren, vilmessen, ballistische messen;
4°. blanke wapens die uiterlijk gelijken op een ander voorwerp dan een wapen;
5°. pijlen en pijlpunten bestemd om door middel van een boog te worden afgeschoten, die zijn voorzien van snijdende delen met de kennelijke bedoeling daarmee ernstig letsel te kunnen veroorzaken;
Categorie II heeft betrekking op vuurwapens.
Categorie III gaat in hoofdzaak ook over vuurwapens. In punt 3 worden werpmessen genoemd.
Categorie IV
1°. blanke wapens waarvan het lemmet meer dan een snijkant heeft, voor zover zij niet vallen onder categorie I;
7°. Voorwerpen waarvan, gelet op hun aard of de omstandigheden waaronder zij worden aangetroffen, redelijkerwijs kan worden aangenomen dat zij voor geen ander doel zijn bestemd dan om letsel aan personen toe te brengen of te dreigen en die niet onder een van de andere categorieën vallen.
Zie ook de wettekst